Wandeling door de Hoge Venen in de Oostkantons
Wandeling door de Hoge Venen in de Oostkantons
De Hoge Venen in de Oostkantons verrassen ons meteen: een ruig, open hoogveenlandschap dat mijlenver afstaat van de voor ons zo bekende Belgische Ardennen. We wandelen door het afgelegen Pays du Négus en over de stille vlonderpaden van het Réserve Naturelle des Hautes Fagnes. Het veengebied voelt weids en ongerept, alsof we in een ander België terechtkomen. Terwijl het zachte veen onder onze voeten meeveert, voelen we hoe anders en eigen dit hoogveenlandschap is.
Na regen komt zonneschijn
We parkeren de auto vlak bij het officiële startpunt van de wandeling. De lucht hangt zwaar boven ons, egaal grijs en dreigend. Op de weerapp zien we dat er regen aankomt, maar daarna klaart het op. We twijfelen kort, lachen, en besluiten gewoon te gaan. We zijn tenslotte niet van suiker.
Het eerste deel voert door Nâpire, een mozaïek van loofbos, sparren en open weilanden. De regen valt zacht, nauwelijks hinderlijk. De geur van nat gras en dennen vult de lucht. Zodra we het open veengebied van Fraineu bereiken, verandert alles. Het landschap opent zich, stil en weids. Het vlonderpad glanst van het water en versterkt de mysterieuze sfeer. Elke stap klinkt dof, alsof het veen onze aanwezigheid opslokt.
Langs het pad staat een informatiebord over het afplaggen van het veen van Setai-Fraineu. We lezen dat het pijpestrooitje, een dominant gras, hier ooit de typische heidevegetatie verdrong. Door het verwijderen van dat gras en het afschrapen van de bovenlaag keert het water terug. Ondiepe plassen ontstaan, en soorten als dopheide, veenmos en wollegras krijgen weer ruimte.
We lopen verder richting de plek die op de kaart staat als Cabane du Négus. Er blijkt geen hut meer te zijn, alleen een informatiebord tussen het groen. Hier stond ooit een eenvoudige schuilplaats voor bosarbeiders, maar die is allang verdwenen. De naam leeft voort als herinnering aan dat verleden. Rondom strekt zich het Pays du Négus uit, een afgelegen deel van de Hoge Venen tussen Fraineu en Setai. Het is een open, stil landschap waar water, veenmos en wollegras de toon voeren.
In de tussentijd is het wolkendek voorzichtig opengebroken en schuift steeds meer zonlicht over het veen. Het vormt een natuurlijke overgang naar het volgende deel van de route.
Van Fraineu naar Le Stokay
We volgen het pad langs de bosrand. Links strekt het veen zich nog uit, rechts begint het donkere sparrenbos. Het zonlicht breekt nu volledig door en zorgt voor scherpe contrasten. Het gras oogt frisgroen tegen de donkere stammen. Kleine plasjes water glinsteren tussen de pollen. Een jagersuitkijkstoel staat verlaten aan de rand van het pad.
We lopen verder het bos van Lonlou in. Dit gebied ligt op de overgang tussen hoogveen en Ardennenbos. De bodem is vochtig, bedekt met mossen en varens. Hier en daar liggen omgevallen stammen met grote zwammen. De lucht ruikt naar hars en nat hout. Dit bosgebied met de naam Lonlou is een oud gebied dat deel uitmaakt van het natuurreservaat van de Hoge Venen. Het is een plek waar aangeplante sparren langzaam plaatsmaken voor een natuurlijker bos met berken, beuken en lijsterbessen.
Via zes oude beuken naar Les Tchôdîres
Na een lichte klim bereiken we Six Hêtres, genoemd naar zes oude beuken die ooit als markering dienden. De bomen staan er nog, grillig en indrukwekkend. Hun stammen zijn bedekt met mos. Het pad slingert verder richting Le Stokay, een open plek waar het bos weer overgaat in heide en veen. Hier zien we opnieuw het samenspel van licht en schaduw: zon op het gras, donkere sparren op de achtergrond.
Langs het pad staat een informatiebord over Les Tchôdîres. Het vertelt over het herstel van natuurlijke bossen in de Ardennen. Vroeger werden veel veengebieden vervangen door sparrenplantages, waardoor de biodiversiteit afnam. Nu probeert het Projet LIFE Ardenne liégeoise dat te herstellen. In omheinde zones krijgen jonge inheemse bomen de kans om te groeien zonder dat herten ze aanvreten. Zo keert stap voor stap het oorspronkelijke bos terug.
Het ommetje naar Frédéricq
Op een kruising zien we op onze gpx‑viewer dat we een ommetje kunnen maken. We twijfelen even. Er is hier zoveel te zien dat een ander gebied verkennen ook verleidelijk is. Toch besluiten we het ommetje te doen. Later blijkt dat een uitstekende keuze.
Het pad voert ons eerst over een breed bospad, langzaam heuvelafwaarts. Volgens de kaart passeren we Walthèr, een kleine open plek in het bos die ooit diende als houtopslag voor bosbeheer. Nu is het vooral een stille plek met jonge berken en varens. Bij een schuilhut slaan we linksaf. Daar komen we de eerste andere wandelaars van vandaag tegen: een groepje jongeren, luidruchtig maar vriendelijk. Ze groeten ons allemaal keurig netjes.
De befaamde Eau Rouge
Dan wordt het pad smaller en kronkelt het verder omlaag. We letten goed op waar we onze voeten zetten; boomwortels en natte stenen maken het glibberig. Snel daarna horen we het ruisen van water. Voor ons stroomt een smal bergbeekje, de Eau Rouge. Deze beek is beroemd omdat hij uitmondt bij het circuit van Spa‑Francorchamps. De steile bocht daar, internationaal bekend als de Eau Rouge‑bocht, draagt zijn naam, al heet hij officieel Raidillon.
We volgen het beekje en bereiken het Monument Frédéricq. Het blijkt een bescheiden gedenksteen, half verscholen tussen varens en berken. Op de steen staat de naam van Léon Frédéricq, pionier van de vereniging Amis de la Fagne, die zich inzette voor natuurbehoud en toerisme in de Hoge Venen. Het monument markeert zijn bijdrage aan het behoud van dit landschap.
Einde van onze wandeling door de Hoge Venen
Daarna stijgt het pad weer licht door een half open bos met varens en berken. We komen langs een informatiebord over het herstel van het loofwoud. Het vertelt over projecten die sparrenplantages vervangen door gemengde bossen met inheemse soorten. De grond is hier drassig, en een nieuw vlonderpad leidt ons veilig door het moeras. Rondom groeien grassen, lijsterbessen en jonge berken. Verderop stijgen we door een sparrenbos vol wortels die het pad bijna verbergen.
Na een laatste klim bereiken we de stenen brug over de Trôs Marets, een bredere bergbeek dan de Eau Rouge. Deze rivier ontspringt in de Hoge Venen en stroomt richting Malmedy. Het water kolkt tussen rotsen en vormt kleine watervalletjes. Nog een fraai stuk volgt: een smal pad omhoog langs een snelstromend beekje in het naaldbos. Daarna staan we weer bij de auto — voldaan, natte schoenen, maar met het gevoel dat we de Hoge Venen echt hebben leren kennen.
Signaal van Botrange – het hoogste punt van België
Na onze wandeling rijden we naar het Signaal van Botrange, met zijn 694 meter het hoogste punt van België. Het landschap verandert onderweg langzaam van dicht bos naar open hoogvlakte. Bij aankomst zien we het herkenbare stenen platform dat het exacte hoogste punt markeert. Hier bevindt zich ook het Parkhuis-Botrange, het bezoekerscentrum van het Natuurpark Hoge Venen – Eifel.
Binnen leren we hoe uniek dit gebied is. Het park beslaat ruim 5.000 hectare en vormt een overgang tussen de Ardennen en de Eifel. We ontdekken dat de Hoge Venen een van de oudste natuurgebieden van Europa zijn. Je vindt er een veenlaag die op sommige plekken meer dan achtduizend jaar oud is. In het informatiecentrum wordt uitgelegd hoe het water hier een centrale rol speelt: regen wordt vastgehouden door het veen en vormt de bron van rivieren zoals de Trôs Marets en de Eau Rouge. We lezen ook over de inspanningen om het ecosysteem te herstellen — het verwijderen van sparrenplantages, het terugbrengen van loofbos en het beschermen van zeldzame soorten.
In de centrale hal bewonderen we de fototentoonstelling “Licht en stilte in de Hoge Venen.” De beelden tonen mistige ochtenden, glinsterende druppels op veenmos en eindeloze vlaktes onder een bleke zon. Schitterend. Terwijl we buiten weer in de frisse lucht stappen, beseffen we hoe bijzonder dit landschap is: stil, uitgestrekt en vol leven. Een perfecte afsluiting van onze dag in de Hoge Venen.
Antwoorden op praktische vragen over wandelen door de Hoge Venen
De wandeling start bij Route de l’Ancienne Douane 1, 4960 Malmedy, aan het kruispunt met de N68. Dit is een officiële vertrekplaats voor routes door het Land van Négus, Six Hêtres en de vallei van de Trôs‑Marets.
De complete routebeschrijving, inclusief een gpx‑bestand, vind je in de gratis wandelgids van VISITWallonia.
Een gps-track is handig, maar niet noodzakelijk. De route is namelijk uitstekend bewegwijzerd met duidelijke markeringen: een groene liggende rechthoek met een zwart slangetje erboven.

De wandeling van ruim 15 kilometer is gemiddeld van moeilijkheidsgraad. Het terrein is gevarieerd: vlonderpaden, veengebieden, bospaadjes met wortels, rotsige stukken en enkele korte maar duidelijke hoogteverschillen. Het is geen zware wandeling, maar wel een route die je aandacht vraagt
De Hoge Venen zijn prachtig in lente, zomer en herfst:
- Lente: fris groen, veel water, contrastrijk licht.
- Zomer: langere dagen, stabielere paden.
- Herfst: spectaculaire kleuren en vaak mystieke mist.
- Winter: het gebied blijft mooi, maar kan dan ook verraderlijk zijn: sneeuw, ijs en afgesloten delen komen regelmatig voor. Controleer altijd de toegankelijkheid.
Ja. De paden zijn overwegend breed, duidelijk en goed onderhouden. Na regen kunnen sommige stukken modderig zijn, vooral in de bossen en langs de Amblève.
Ja, honden zijn toegestaan, maar altijd aangelijnd. De Hoge Venen zijn een kwetsbaar natuurgebied met strikte regels om fauna en vegetatie te beschermen.
Langs de route zelf is geen horeca. De wandeling gaat door een afgelegen natuurgebied zonder cafés of restaurants. Neem dus voldoende water en snacks mee.
Ja. Bij Route de l’Ancienne Douane 1 is parkeergelegenheid beschikbaar. Dit is een officiële wandelstartplaats, dus je kunt hier veilig en dichtbij de route parkeren..
Zeker. In de directe omgeving liggen meerdere bezienswaardigheden:
- Malmundarium (7 km): museum in een voormalig klooster, met ateliers, geschiedenis en kunst.
- Signaal van Botrange (7 km): hoogste punt van België + bezoekerscentrum Parkhuis‑Botrange.
- Belgium Peak Beer (9 km): brouwerij op het hoogste punt van België.
- Brouwerij Bellevaux (13 km): rondleidingen en proeverijen.
Deze wandeling leent zich uitstekend voor een dagtrip met één of twee extra stops.
Er zijn enkele opties in de dorpen rond het natuurgebied, maar Malmédy is veruit de beste uitvalsbasis. Deze stad ligt dicht bij het startpunt, heeft veel horeca, winkels en meerdere accommodaties.
De VISITWallonia.be Pass is een digitale kortingskaart die je gratis kunt downloaden op je telefoon. Met deze pass krijg je korting op meer dan 200 toeristische attracties, musea en zelfs bij sommige accommodaties in heel Wallonië.
Het is zeker zinvol om de pass aan te vragen, want ook veel van de kastelen doen mee aan dit programma. Het kost je niets en je bespaart direct op je entreegelden.
Op uitnodiging van Visit Wallonia maakten we diverse prachtige wandelingen in de Belgische Ardennen. Zoals deze wandeltocht door de Hoge Venen. De inhoud van de blog hebben wij onafhankelijk en objectief samengesteld op basis van eigen indrukken.
Dit interesseert je wellicht ook
- Wandelen in de Belgische Ardennen
- Historische wandeling door het hart van de Amblèvevallei
- Kasteel Reinhardstein: mooiste wandeling van de Warchevallei
- Wandelen en fietsen langs de kastelen van Wallonië
- Fraaie wandeling vanuit Celles naar het kasteel van Vêves
- Middeleeuwse charme in Bouillon
- Heerlijke wandeling langs de Semois bij Bouillon
- Rondwandeling vanaf de ‘Tombeau du Géant’ naar Bouillon
- Wandelen naar de rotswand van Le Hérou
- Wandeling naar de bron van de Ninglinspo
Genoten van dit verhaal?
Wij vinden het heerlijk om onze reiservaringen met je te delen. Vond je dit een leuk of nuttig artikel? Dan kun je ons bedanken door ons virtueel te trakteren op een kop koffie. Jouw support helpt ons om de mooiste plekjes te blijven ontdekken en deze tips met je te blijven delen. Klik op de gele button en de rest wijst zich vanzelf. Bedankt voor je betrokkenheid!










